De Ruiter sprak niet alleen als wetenschapper, maar ook als ervaringsdeskundige. Samen met econoom Robin Snijder kreeg hij recent een diagnose binnen het autismespectrum.
Label kan rust geven
Veel psychiatrische diagnoses zijn gebaseerd op de DSM-5, het diagnostisch handboek dat internationaal wordt gebruikt in de psychiatrie. In de loop van de tijd zijn verschillende begrippen aangepast of samengevoegd. Zo vallen ADHD, ADD en autisme tegenwoordig onder bredere categorieën van neurobiologische ontwikkelingsstoornissen, waaronder het autismespectrum (ASS).
Volgens De Ruiter kan een label mensen helpen om hun ervaringen te begrijpen. “Een diagnose kan rust geven. Het vult een openstaand vakje in en verklaart waarom je bepaalde dingen anders ervaart dan anderen.”
Ook praktisch gezien speelt een diagnose een rol. Pas wanneer een erkend label wordt vastgesteld, komt het zorgsysteem vaak in beweging. Mensen kunnen dan aanspraak maken op behandeling, medicatie of begeleiding.

Label kan rust geven
Tegelijkertijd waarschuwde De Ruiter voor de keerzijde van labels. Ze kunnen iemand vastzetten in een stereotype beeld. “Een label beschrijft maar een deel van wie je bent,” zei hij. „Het risico is dat kwaliteiten en mogelijkheden daardoor minder zichtbaar worden.”
Binnen het autismespectrum komen volgens hem juist ook bijzondere talenten voor, zoals een groot concentratievermogen, een scherp oog voor detail en originele inzichten. Van historische figuren als Albert Einstein, Michelangelo, Wolfgang Amadeus Mozart en Andy Warhol wordt wel vermoed dat zij kenmerken van het spectrum hadden.
Veel prikkels tegelijk
Tijdens de lezing beschreef De Ruiter ook hoe hij zijn eigen manier van informatie verwerken ervaart. Volgens hem staan bij mensen in het autismespectrum vaak meer ‘poortjes’ van waarneming open.
“Er is geen snelweg in het autistische brein, maar een netwerk van geitenpaadjes,” zei hij. Daardoor moeten veel indrukken tegelijk verwerkt worden. Structuur en voorspelbaarheid helpen daarbij, terwijl onverwachte veranderingen juist ontregelend kunnen werken. Dat kost volgens hem veel energie, al noemt hij zichzelf ondanks die inspanning een ‘hoogfunctioneel autist’.
Rol voor zen
Volgens De Ruiter kan zenbeoefening mensen helpen om beter met die prikkels om te gaan, vooral wanneer oefeningen denken en voelen met elkaar verbinden. Hij noemde onder meer loopmeditatie, het reciteren van een sutra en gestructureerde gesprekken in kleine groepen.
Over langdurig stilzitten tijdens meditatie is hij minder overtuigd. “Dan kan het denken juist de overhand krijgen.” Zijn conclusie: neurodiversiteit moet worden gezien als een natuurlijke variatie in hoe mensen denken en waarnemen. Daarbij is het belangrijk om zowel de uitdagingen als de talenten te erkennen.
Volgende lezing
De volgende lezing in de reeks vindt plaats op zaterdag 11 april. Dan spreekt Remko de Boer over de vraag ‘Hoe voelt het om mens te zijn?’. Daarbij staat de samenhang tussen lichaam, emoties, gedachten en bewustzijn centraal. Meer informatie en aanmelden via: https://www.zen.nl/nijverdal/lezingen/





