De hoofdrolspelers:
- Milan (21) werkt als tussenoplossing in een fabriek.
- Lars (19) werkt op de administratie van een autobergingsbedrijf.
- David (18) werkt en doet de opleiding tot installateur/elektricien
- Lucas (18) werkt als verkoper binnendienst bij een groothandel in binnenafbouw.
Dood gaan
Een discussie over de dood gaat alle kanten op. Ze zijn het er over eens dat de dood voor iedereen komt. Maar wat gebeurt er met de kennis en kunde in je hoofd? Kun je die voor die tijd op een chip zetten? David gelooft in een leven na de dood. De rest niet.
Lucas: “Lars, waar ben jij bang voor?”
Lars: “Weet ik veel. De dood.”
Lucas: “Ben je bang voor de dood, ja?”
Lars: “Waar moet je anders bang voor zijn?”
Lucas: “Waarom zou je daar bang voor zijn?”
Lars: “De dood is toch al redelijk het einde van alles.”
Lucas: ”Het gebeurt toch wel sowieso dat staat vast.”
Lars: “Dat is het.”
Lucas: ”Waarom zou je daar dan bang voor zijn als het toch gebeurt?
Lars: “Waar was je toen je er nog niet was? Je was er überhaupt niet. Er waren geen hersenen met hersenactiviteit. Als je geen herenactiviteit hebt, leef je niet. Het feit dat het gebeurt. Het idee is gewoon niet fijn. Dat is het einde van alles. Het is instinct bang te zijn voor de dood.
Lucas: ”Ik ben er niet per se bang voor.”
Lars: “Wat boeit het wat je allemaal in je leven hebt gedaan, als je toch dood gaat.”
David: “Je moet je ook afvragen: als je dood gaat, is dat het dan geweest?
Lucas: “Als je dood bent is het klaar.”
Milan: “Dat weten wij mensen ook niet zeker. Wat er gebeurt na de dood.”
Lars: “Ja, niks.”
David: “Ik denk dat die angst nu al voort komt uit het idee dat er niks is. Ik snap dat als je zo denkt, dat je bang bent. Dan is het klaar; is er niks meer.”
Lars: “Dan is het afgelopen.”
David: “Voor atheïsten, ja.”
Lars: “Je lichaam doet eigenlijk niks. Je hersenen ontvangen signalen en maken er wat van. Als dat niet meer gebeurt, is het klaar. Als er iets is dat jij niet snapt, is dat geen fijn gevoel.
David: “Mensen worden steeds ouder door de tijd heen. Denk je dat we ooit onsterfelijk worden?
David: “Ik krijg via sociale media wel mee dat mensen hun hersenen laten omzetten op een chip.”
Lars: ”In principe zou dat kunnen maar zou je dat merken”…”
David: “Dat je in een computer zit.”
Lars: “Dan bouw je een exacte kopie van jezelf.”
Lucas: “Ik weet niet of dat een heel slim plan is.”
David: “Jouw hersenen zijn de cognitiviteit van alles. Je hersenen nemen alles waar zolang ze intact blijven kun je technisch gezien onsterfelijk blijven.
David: “Als ik niet zou geloven in God, zou het kunnen.”
Lars: “In principe ben je al onsterfelijk. Materie wordt niet gemaakt. Alles is er al. Iets dat je vernietigt, is er nog steeds. Stel je breekt een huis af. Dan is het niet weg. Het is alleen wat anders geworden. Je bent onderdeel van het geheel, maar eigenlijk ben je het geheel. Als je op die manier nadenkt, maakt het niks meer uit. Ben ik jou en jij bent mij. ”
Lucas: “Leuk idee.”
Milan: “Ik ben niet bang voor de dood of de PVV. Wel voor oorlog. Ik zit er niet echt op te wachten om afgeknald te worden door een of andere Rus. Ik ben echt niet bang voor de dood. Alleen als ik daar met Lars over in gesprek ga. Dan word ik echt oprecht, gewoon gek.”
Lars: “Ik word -echt- een keer in de maand wakker met het idee dat ik dood ga. Dat is echt geen grap.”
Lucas: “Je gaat uiteindelijk dood. Dat is zeker. Waarom zou ik daar dan over nadenken. Het gebeurt toch wel. Het liefst over 80 jaar en niet door een of andere Rus.
Lars: “Je gaat dood omdat je lichaam ermee stopt. Daar kan toch wat aan gedaan worden?
David: “Als je ergens in gelooft, hoef je niet elke maand wakker te liggen.”
Milan: “Geloof me, het is niet dat ik er niet voor open sta. Ik zeg eerlijk en oprecht: Ik wil best geloven, maar ik kan het niet een twee drie: poef, ik geloof in God. Ik weet ook niet waarom wij bestaan enzo.”
Lars: “Er zijn wetenschappelijke verklaringen voor een heleboel dingen. Geloof lijkt me het meest onredelijker wat er is.”
Lucas: “Ja, er is geen bewijs voor. Het is een verhaal dat opgeschreven is. Tweeduizend jaar geleden.”
David: “Toch denk ik wel: Niets ontstaat zomaar. Geen enkele cel kan zomaar ontstaan. Hoe kan het dan dat er een oerknal is ontstaan. Er moet iets zijn geweest dat die oerknal heeft veroorzaakt. Er is geen bewijs. Maar goed; ik zit daar anders in. Ik geloof in God.
Lars: “Als je gaat vragen over die oerknal is er wel een diehard atheïst die niets meer te doen heeft met z’n leven en gaat praten over gassen en zo. Maar dan is het de vraag waar die gassen vandaan komen. Dat is dezelfde vraag als waar God vandaan komt. Op allebei is uiteindelijk geen concreet antwoord te geven. “
Daar is iedereen het wel mee eens.






1 reactie
Piet de Bruyn
Wat een leuke stukjes in die Keetklets. Lekkere ongenuanceerde puberpraat.